Docentenvragen
3a. Mag ik een zelfgemaakte kopie van andermans videofilm in het onderwijs vertonen in een leslokaal?
Om een videofilm in het onderwijs te kunnen vertonen, moet u eerst over een kopie beschikken. De voorwaarden waaronder u die van televisie of internet mag maken, staan beschreven in vraag 2c. De vertoning van de kopie van (een gedeelte van) het werk is daarna mogelijk op basis van de drie uitzonderingen in vraag 1g:
- Kortgezegd maakt de vertoningsbeperking het mogelijk om videofilms (maar ook stilstaand beeld en audiomateriaal) gratis in het onderwijs te vertonen als dat gebeurt in het leslokaal van de onderwijsinstelling (uitzondering 1).
- Op basis van de onderwijsbeperking (uitzondering 2) mag u korte werken kopiëren en in het onderwijs vertonen, maar van lange (video)werken alleen een gedeelte. Bovendien moet de rechthebbende hiervoor een billijke vergoeding betaald krijgen. Ook moet naamsvermelding plaatsvinden, mag het werk niet gewijzigd zijn en mag het niet gaan om een ongepubliceerd werk.
- Het citaatrecht (uitzondering 3) maakt het gratis mogelijk om een fragment van een video (een korte in zijn geheel) op te nemen en ook te vertonen binnen een educatieve of wetenschappelijke verhandeling. Er moet ook altijd naamsvermelding plaatsvinden.
Heeft u een kopie gemaakt van een videofilm op internet waarvan de maker (al dan niet commercieel) hergebruik heeft toegestaan (zie 6i en j), dan mag u die uiteraard kopiëren en ook vertonen in het leslokaal.
3b. Mag ik een in de winkel gekochte film in het onderwijs vertonen in een leslokaal?
Op koopvideo’s en DVD’s staat vaak een uitdrukkelijk verbod om de film in het onderwijs te vertonen. Hiervoor moet dan dus apart toestemming aan de filmproducent worden gevraagd. Maar in de onderwijspraktijk wordt dit verbod vaak omzeild. Verdedigbaar is dat dit inderdaad mag, omdat de Auteurswet vertoning in het leslokaal toestaat, mits die deel uitmaakt van het onderwijsprogramma. Zie uitzondering 1 en de N.B. onder vraag 1g.
3c. Ik wil een video vertonen op een open dag van de onderwijsinstelling. Mag dat?
Dat mag niet op basis van de vertonings- en onderwijsbeperking (uitzonderingen 1 en 2). Die eisen namelijk dat de vertoning uitsluitend plaatsvindt ten behoeve van het onderwijs. Het citaatrecht biedt wel een beperkte mogelijkheid: in een informatieve presentatie (die bijvoorbeeld een kijkje geeft in de onderwijspraktijk van uw instelling) mag u een fragment van een lange video, dan wel een korte video in zijn geheel, opnemen en vertonen.
Een videofilm die de rechthebbende met toestemming voor gratis hergebruik op internet heeft gezet (zie vraag 6i en vraag 6j), mag u wel kopiëren en vertonen, niet alleen in het onderwijs maar ook op een open dag of tijdens een feest of een ander niet-onderwijsgerelateerd evenement (zie hieronder).
3d. Ik wil een video vertonen tijdens een feest of een ander niet-onderwijsgerelateerd evenement van de onderwijsinstelling. Mag dat?
Nee, dit is een vorm van openbaarmaking die geen onderwijsdoel heeft (maar eerder entertainment is) en daarvoor is steeds toestemming nodig van de rechthebbende. Voor speelfilms kan een licentie worden afgesloten bij de Videma (www.videma.nl). Dit is een commerciële organisatie opgericht door filmproducenten, die licentievergoedingen int voor filmvertoningen in het openbaar. Voor vertoningen door onderwijsinstellingen kent Videma een lager tarief.
3e. Mag ik een kopie van andermans video op de videoserver van mijn opleiding zetten, zodat mijn studenten hem kunnen bekijken?
Het opslaan van een digitale kopie van een video op een videoserver is een vorm van kopiëren en het toegankelijk maken ervan voor studenten is een vorm van openbaar maken. Dit is onder voorwaarden toegestaan op basis van de onderwijsbeperking en het citaatrecht (uitzonderingen 2 en 3 in vraag 1):
- Volgens de onderwijsbeperking (uitzondering 2) mag u van lange werken alleen gedeeltes op een videoserver zetten, maar korte werken, foto’s of kunstwerken wel in hun geheel. Dit mag alleen ter toelichting bij het onderwijs. U moet dus technische maatregelen nemen zodat anderen dan studenten geen toegang hebben tot de videoserver, bijvoorbeeld door het videomateriaal te linken aan een cursus in een digitale leeromgeving waarop de student (bijvoorbeeld met een password) moet inloggen. Belangrijk is bovendien dat de rechthebbende hiervoor een billijke vergoeding moet worden betaald. Verder moet naamsvermelding plaatsvinden, mag het werk niet gewijzigd zijn en mag het niet gaan om een ongepubliceerd werk.
- Gratis plaatsing op een videoserver kan op basis van het citaatrecht (uitzondering 3), maar alleen als het gaat om een videofragment (een gehele video alleen als die kort is). Dit fragment moet, met bronvermelding, deel uitmaken van een verhandeling, bijvoorbeeld een PowerPoint-presentatie die u voor het onderwijs heeft gemaakt. Deze presentatie moet dan in zijn geheel op de videoserver geplaatst worden. Overigens ligt het misschien meer voor de hand om zo’n presentatie in een digitale leeromgeving (zoals Blackboard) te zetten.
- Gehele video’s die de rechthebbende met toestemming voor gratis hergebruik op internet heeft gezet (zie vraag 6i en vraag 6j), mag u kopiëren en op een videoserver zetten.
3f. Mag ik een videofilm in een digitale leeromgeving (DLO) zoals Blackboard zetten?
Op basis van de onderwijsbeperking en het citaatrecht (uitzonderingen 2 en 3 in vraag 1g) mag dat alleen voor gedeelten, respectievelijk fragmenten van een videofilm. Alleen erg korte videofilms mogen in hun geheel in een DLO worden gezet. De onderwijsbeperking (uitzondering 2) eist bovendien dat deze omgeving technisch is afgeschermd zodat hij alleen toegankelijk is voor studenten en ook moet de rechthebbende van het videomateriaal een billijke vergoeding ontvangen. Het citaatrecht (uitzondering 3) eist dat niet. Zie over beide uitzonderingen ook 3e. Een complicatie voor koopvideo’s en DVD’s is dat er soms op vermeld staat dat gebruik in het onderwijs verboden is, wat dan dus ook geldt voor plaatsing op een videoserver of DLO. Zie hierover de N.B. in 1g.
3g. Mag ik delen van een video gebruiken in een werkstuk, PowerPoint-presentatie of DLO?
Dit soort gebruik houdt zowel kopiëren als openbaar maken in. Op basis van het citaatrecht (uitzondering 3 in vraag 1g) mag u videofragmenten opnemen in PowerPoint-presentaties en studenten mogen hetzelfde doen in (elektronische) werkstukken, mits steeds bronvermelding plaatsvindt. In een DLO mag u een gedeelte van een video plaatsen als wordt voldaan aan de voorwaarden van de onderwijsbeperking (uitzondering 2 in vraag 1g): de DLO moet besloten zijn dus alleen toegankelijk voor studenten, de rechthebbende moet een billijke vergoeding ontvangen, er moet bronvermelding plaatsvinden en het werk mag niet gewijzigd zijn en mag ook niet ongepubliceerd zijn.
Deze uitzonderingen heeft u niet nodig als u gebruikt maakt van de ‘Virtuele Snijmachine’. Het auteursrecht op het videomateriaal is dan niet in het geding, omdat er niets wordt gekopieerd of openbaar gemaakt. Met de Virtuele Snijmachine kan men in een video een begin- en een eindpunt markeren. Vervolgens wordt er automatisch een hyperlink gegenereerd, die in een Word-document, een PowerPoint-presentatie of een digitale leeromgeving (DLO) kan worden geplakt. Wanneer op deze link wordt geklikt, wordt het gemarkeerde deel als stream afgespeeld. Omdat het gaat om een hyperlink naar een stream is dit toegestaan; er wordt zo geen nieuwe kopie van gemaakt, terwijl linken niet wordt beschouwd als openbaar maken. Zo kunnen delen van op internet aangeboden werken (niet alleen video) dus legaal worden gebruikt, waarbij men echter wel moet bedenken dat de gemaakte link slechts zo lang werkt als de aanbieder het materiaal zelf op internet laat staan en geen toegangsbeperkingen aanbrengt.
Het omroepmateriaal dat via het Academia-project wordt aangeboden, staat opgeslagen op de SURFnet Video Portal en wordt vandaar via streaming beschikbaar gesteld aan de onderwijsinstellingen. Verwijzen (linken) naar dit materiaal in besloten DLO’s en elektronische werkstukken is toegestaan in de Academia-licentie.
3h. Mag ik video’s bewerken of door mijn studenten laten bewerken?
Het bewerken van een video kan op verschillende manieren gebeuren:
- Eén vorm is het annoteren. In een fragment van een programma worden dan met zogenaamde grafische overlays pijlen geplaatst of andere visuele aanwijzingen toegevoegd. Men verandert het werk zélf dan niet; de docent of de student maakt de beschouwer alleen op bepaalde specifieke zaken opmerkzaam. Het is te verdedigen dat dit in het kader van het onderwijs is toegestaan.
- Anders wordt het wanneer van bestaand materiaal een hermontage of bewerking wordt gemaakt. Dan verandert het oorspronkelijke werk wél en daarmee is de intentie van de maker in het geding en dus zijn persoonlijkheidsrechten. Voor bewerking is dus meestal toestemming van de maker nodig. (Wel is het in de praktijk zo dat de kans op ontdekking in een besloten omgeving kleiner is dan wanneer het gewijzigde werk op het openbare internet wordt gezet).
Voor Academia-materiaal geldt dat de bijbehorende licentie digitaal bewerken met speciale tools als de Virtuele Snijmachine uitdrukkelijk toestaat.
3i. Gelden er speciale gebruiksvoorwaarden voor video’s die op de SURFnet Video Portal (SVP) worden aangeboden?
De regels van de Auteurswet gelden ook voor videomateriaal dat op de SVP worden aangeboden. De SVP biedt echter veel materiaal aan waarvan de rechthebbenden vrij gebruik voor onderwijsdoelen hebben toegestaan.
Daarnaast biedt de SVP televisie- en radioprogramma’s aan die onder de Academia-licentie vallen. Docenten en studenten van instellingen die deze licentie hebben afgesloten, kunnen deze programma’s (kort gezegd) vrij gebruiken in het kader van het onderwijs. (Dit gebruik is nader gespecificeerd in de Academia-licentie).
3j. Ik gebruik de Virtuele Snijmachine, dan hoef ik me toch niet druk te maken om auteursrechten?
Dat klopt: met de Virtuele Snijmachine wordt een hyperlink aangemaakt, waarmee (een deel van) een werk kan worden gestreamd (bijvoorbeeld video- of audiomateriaal). Het werk wordt via de link alleen bekeken en niet gekopieerd en dit is toegestaan, zie ook 3g. Wel moet men bedenken dat de link slechts zo lang werkt als de aanbieder het werk beschikbaar houdt.
3k. Moet ik altijd betalen voor het gebruik van video in het onderwijs?
Als u videomateriaal gebruikt op basis van de onderwijsbeperking (uitzondering 2 in vraag 1g), moet u de rechthebbende inderdaad een billijke vergoeding betalen. Zie 3a, 3c en 3e t/m g. Maar kunt u een beroep doen op de vertoningsbeperking of het citaatrecht (uitzonderingen 1 en 3 in vraag 1g), dan hoeft u niet te betalen. Zie 3a t/m c en 3e t/m g. Ook kunt u zonder te betalen hyperlinks aanbrengen naar materiaal dat elders staat opgeslagen.
In een aantal gevallen wordt de betaling van licentievergoedingen aan de rechthebbenden geregeld door het afsluiten van licenties. De Academia-licentie voor programma’s van de publieke omroep is daarvan een voorbeeld. Deze licentie is speciaal toegesneden op gebruik door de hoger onderwijssector.
3l. Zijn er dus voorwaarden verbonden aan het vertonen van een video in het onderwijs?
Vaak is dat zo, maar niet altijd. Er kunnen verschillende situaties worden onderscheiden:
- De drie uitzonderingen in de Auteurswet waarop u wellicht een beroep kunt doen, kennen ieder hun eigen voorwaarden, zie vraag 1g. (Niet altijd is het mogelijk om de gehele video te gebruiken en soms moet er een billijke vergoeding aan de rechthebbende worden betaald).
- Voor koopvideo’s en legaal gedownloade video’s kan een complicatie zijn dat gebruik in het onderwijs soms is verboden, zie de N.B. onder vraag 1g.
- Gebruik van werken in het onderwijs is ook mogelijk als uw onderwijsinstelling daarvoor een licentie heeft afgesloten, zoals de Academia-licentie voor televisie- en radioprogramma’s van de publieke omroep (zie vraag 6d). Deze licentie kan een onderwijsinstelling afsluiten tegen een jaartarief dat is gerelateerd aan het aantal studenten en medewerkers.
- Sommige repositories en rechthebbenden bieden hun materiaal op internet aan voor gratis hergebruik. Elk soort gebruik door docenten, studenten en onderwijsinstellingen is dan vrij mogelijk. Zie ook vraag 6i en vraag 6j.
- Soms kunnen er om privacyredenen beperkingen zitten aan de vertoning van video-opnamen en het op een videoserver dan wel DLO zetten daarvan, zie vraag 5e t/m g.