E-depot Nederlandse Archeologie
Open Onderzoek
Status: Afgerond
Doelstelling
Doel van het project was te demonstreren op welke wijze een digitaal archief met archeologische onderzoeksgegevens kan worden gevuld, onderhouden en gebruikt.
Het project beoogde oplossingen aan te dragen en mogelijkheden te laten zien voor het probleem dat de digitale documentatie van archeologisch onderzoek voor het nageslacht verloren dreigt te gaan. Men is zich in de Nederlandse archeologie nog onvoldoende bewust van de noodzakelijke investeringen voor een duurzame archivering van de digitale eindproducten van een opgraving. Het gaat daarbij om complexe bestanden, zoals databestanden, documentaire foto’s, CAD- en GIS-bestanden met nauwkeurige geografische gegevens, etc. Noodzakelijk daarbij is dat de archeologen door een concreet voorbeeld worden overtuigd dat dit zinvol, haalbaar en noodzakelijk is en dat het een meerwaarde voor het wetenschappelijk onderzoek oplevert.
De opzet van dit project was verkennend, hoe zou een elektronisch-depot voor de Nederlandse archeologie er uit kunnen zien en hoe werkt het? Samen met de wetenschappers van de universiteiten en de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB) is een inventarisatie gemaakt van de al bestaande digitale gegevens over opgravingen bij hun instelling. Deze bestanden staan veelal op opslagmedia en in bestandsformaten die snel verouderen. Door ze te verzamelen, converteren en documenteren is er een eerste stap gezet naar het bewust omgaan met de eigen unieke digitale bronnen.
De boodschap is: leg de cd-roms niet langer ongedocumenteerd in een brandkast, maar zorg er nu voor dat een andere wetenschapper daar over 10 jaar nog iets mee kan.
Deliverables
Het project e-depot voor de Nederlandse Archeologie (eDNA) heeft vanaf begin 2005 op een breed terrein in de Nederlandse archeologie een innoverende rol gespeeld. Op tal van manieren zijn de archeologen in aanraking gekomen met de mogelijkheden en problemen van digitale duurzaamheid. Het archiveren, documenteren en toegankelijk maken van de digitale resultaten van archeologisch onderzoek is duidelijk op de kaart gezet. Uitvoerders en beleidsmakers zijn beter op de hoogte van het belang van digitale archivering. Het digitale archief, dat in samenwerking met Data Archiving and Networked Services (DANS) is gemaakt, functioneert daarbij als een heel belangrijk hulpmiddel.
Het is nu mogelijk om heel concreet te laten zien hoe een e-depot er uit zou kunnen zien en wat de mogelijkheden daarvan voor wetenschappelijk onderzoek zijn.
De selectie van aansprekende en visueel mooie voorbeelden van vindplaatsen uit de Nederlandse archeologie die in het e-depot zijn opgenomen, helpt daarbij enorm. Men ziet nu hoe de digitale informatie aangeleverd, gedocumenteerd, gearchiveerd en weer beschikbaar gesteld kan worden. Die zichtbaarheid speelt een belangrijke rol in de discussies over de structurele inbedding van een digitaal archief in de Nederlandse archeologie.
Concrete resultaten:
• Inventarisatie: er zijn 209 archeologische onderzoeken in kaart gebracht die in aanmerking komen voor digitale archivering
• Daarvan zijn er 33 integraal, in digitale vorm, aangeleverd aan het elektronisch depot (‘showcase’)
• Alle onderzoeken, zowel de 209 geïnventariseerde als de 33 gearchiveerde, zijn uniform beschreven en deze metadata is doorzoekbaar gemaakt.
• Concepten voor de twee ‘best practices’ gidsen. Het is de bedoeling dat deze gidsen binnenkort worden uitgegeven door DANS in de reeks DANS Data Guides
• Drie documenten die samen een blauwdruk vormen voor de in te richten repository voor archeologisch onderzoek
• Er zijn diverse artikelen over het project gepubliceerd.
Conclusies en verdere acties
Bij dit type pilot-projecten loopt men keer op keer tegen dezelfde issues aan, die zorgen voor grote complexiteit: metadata, rights management, duurzaamheid. Het is duidelijk dat ‘alle’ Nederlandse archeologen vinden dat op de ingeslagen weg verder moet worden gegaan, maar daarvoor moet nog heel wat gebeuren. Dit hoofdstuk in ‘digital archiving’ is in de Nederlandse archeologie nog maar net begonnen.
Er is een toekomstvisie die de diverse partners onderschrijven en graag zouden willen uitvoeren. Op diverse wijzen wordt dit opgepakt, zoals de archivering bij DANS.
En zo zal ook met tal van andere partners - de ROB, de provinciale en gemeentelijke depots, Instituut Collectie Nederland, de archeologische bedrijven, de DARE-repositories en de KB – een samenwerking en uitwisseling van online resources worden opgezet. Alleen dan lijkt een integrale ontsluiting van de digitale bronnen over de Nederlandse archeologie mogelijk. Iedere instelling heeft zijn eigen verantwoordelijkheid en expertise. Samen kunnen ze een veel sterkere digitale informatie infrastructuur opzetten dan welk individueel initiatief dan ook.